Ellen heeft een aantal lange papieren stroken van 5 cm breed.
Met een schaar maakt ze hiervan kortere strookjes. Ze knipt altijd overdwars in één strook tegelijk. Aan de breedte verandert ze niets.
In totaal knipt ze 50 keer een strook door.
Dan heeft ze 68 kleine strookjes. Deze zijn niet allemaal even lang.
Ze begon met ........ stroken.
(Vul een heel getal in.)




18 



anders
(Een som van Jacques Schopman.)
Elke keer dat Ellen knipt, komt er 1 strookje bij.
Ellen nipt 50 keer.
Na 50 keer knippen zijn er 50 strookjes bijgekomen.
Aan het eind heeft ze 68 strookjes.
Dan is ze begonnen met 18 stroken, want 18 + 50 = 68.
Had jij een ander antwoord? Dan is jouw antwoord + 50 niet 68.
Zie ook de pagina
Aftrekken.