In een klas zitten 28 kinderen. Zij maken allemaal dezelfde som.
1 op de 4 kinderen maakt de som fout. Er zijn ........ kinderen die de som goed maken.




21 



anders
(Een som van Jacques Schopman.)
1 op de 4 betekent 1/4 deel.
Een vierde deel van 28 kinderen maakt de som fout. Dat zijn er 7.
Dus maken 28 – 7 = 21 kinderen de som goed.
Zie ook de pagina
Delen.