Bij formuleringen als "hoeveel procent is X groter dan Y?" is Y de maatstaf waarmee gemeten wordt. Met andere woorden: Y is 100%. Een voorbeeld:
Jan eet 4 broodjes. Wim eet 5 broodjes. Wim eet 1 broodje meer dan Jan. Dat is 25% van wat Jan eet. Wim eet 25% meer broodjes dan Jan.
Bovenstaande regel geldt altijd. Ook in de volgende som:
Arie fietst een afstand van 30 km.
Bert fietst een andere afstand. Chiel fietst ook een andere afstand.
Chiel fietst 30% meer dan Arie.
Chiel fietst 50% meer dan Bert.
Bert fietst ........ km.
(Vul een geheel getal in. Indien nodig afronden.)




26 



anders
Arie fietst 30 km.
Chiel fietst 30% meer dan Arie. Dat is 30 + 9 = 39 km.
Chiel fietst 39 km.
Chiel fietst 50% meer dan Bert.
In deze vergelijking geldt Bert als referentie. Het aantal km van Bert is 100% en dat van Chiel is 150%.
39 km is 150% van de afstand van Bert.
13 km is 50% van de afstand van Bert (want 39 : 3 = 13 en 150% : 3 = 50%).
26 km is 100% van de afstand van Bert (want 2 x 50% = 100%).
Bert fietst 26 km.
Of:
C = 1,3 x A (vergelijking 1)
C = 1,5 x B
B = C : 1,5 (vergelijking 2)
Vervang C door 1,3 x A:
B = 1,3 x A : 1,5
Gegeven is: A = 30
B = 1,3 x 30 : 1,5
B = 39 : 1,5
B = 390 : 15 = 26
Bert fietst 26 km.
Zie ook de pagina
Hoeveel procent.