In een straat worden gft-minicontainers van 140 en 240 liter door de gemeente uitgedeeld.
De totale capaciteit van alle 140 liter gft-containers is gelijk aan de totale capaciteit van alle 240 liter gft-containers.
Er staan minstens ........ gft-containers in die straat.
(Een som van Carel Willem de Visser.)
Het gaat om het kleinste gemene veelvoud van de 140 en 240 liter containers.
140 = 7 x 20
240 = 12 x 20
Het verschil zit hem in de factoren 7 en 12.
Het kleinste gemene veelvoud van 7 en 12 is 84.
Beide types containers hebben een totale capaciteit van 84 x 20 = 1680 liter.
Dat zijn
1680 : 140 = 12 containers van 140 liter en
1680 : 240 = 7 containers van 240 liter.
Samen 12 + 7 = 19 containers.
Als er 24 + 14 = 38 containers staan, is de capaciteit per type ook weer gelijk, maar er wordt gevraagd naar de kleinste mogelijkheid ("minstens") en dat is 19.
Zie ook de pagina
KGV.