Imane is oproepkracht in de thuiszorg. In een periode van 21 dagen heeft ze 14 ochtenden en 10 middagen gewerkt.
Het aantal dagen waarop zij helemaal niet werkte was gelijk aan het aantal dagen met een vrije ochtend of vrije middag.
Op ........ dagen werkte Imane zowel 's ochtends als 's middags.
(Een som van Jacques Schopman.)

A = dagen alleen 's ochtends werken
B = dagen 's ochtends én 's middags werken
C = dagen alleen 's middags werken
D = vrije dagen
Het gaat over een periode van 21 dagen.
A + B + C + D = 21
14 ochtenden gewerkt
A + B = 14
A = 14 - B
10 middagen gewerkt
B + C = 10
C = 10 - B
aantal vrije dagen = aantal dagen met een vrije ochtend of vrije middag
D = A + C
Nu invullen:
A + B + C + D = 21
(14 - B) + B + (10 - B) + (A + C) = 21
14- B + B + 10 - B + 14 - B + 10 - B = 21
48 - 3B = 21
27 = 3B
B = 9
Of:
Het zijn 21 dagen.
Er is gewerkt op 14 ochtenden en 10 middagen. 14 + 10 = 24.
Er is minimaal op 3 dagen zowel een ochtend als een middag gewerkt.
Dat betekent dat er nog 18 dagen over zijn, waarop zich drie situaties kunnen voordoen:
a) niet gewerkt
b) één dagdeel gewerkt
c) twee dagdelen gewerkt
Er zijn precies 18 dagdelen over (24 - 6 = 18), die verspreid zijn over die 18 dagen.
Voor elke dag dat er niet gewerkt is (situatie a), is er ook een dag dat er twee dagdelen is gewerkt (situatie c). Aangezien de situaties a en b even vaak voorkomen, en a en c ook even vaak voorkomen, komt elke situatie 6 keer voor.
Er waren al 3 dagen waarop twee dagdelen werd gewerkt, daar komen er nog 6 bij, waarmee het totaal op 9 komt.
Zie ook de pagina
Vergelijkingen.